Veilig bouwen aan Océ-kantoor door ultieme prefabricage

Door extra tijd te pakken in de voorbereidingsfase kon BAM het nieuwe hoofdkantoor van Océ veel verder prefabriceren en vooral het modulaire installatieconcept door-ontwikkelen. Dat kwam behalve de kwaliteit vooral ook de veiligheid van de bouwplaats ten goede.

Het is een super overzichtelijk gebouw; een ontwerp dat zich laat lezen als een klok. In een bosperceel aan de rand van Venlo zet BAM Bouw en Techniek een afgeplatte kubus neer van 50 bij 50 bij 35 meter. Dak en gevel zijn al een tijdje dicht en binnen is zo’n 120 man bezig met de afbouw. Komend voorjaar verwacht projectleider Joost Wieland het pand, bijna turnkey op te leveren. Alleen het losse meubilair plaatst Océ daarna nog zelf. Maar de tapijten zijn dan al gelegd, de pantry’s ingericht en vooral: de bomen en struiken zijn geplant in de royalegreenplaza’s in de hoeken van het pand. Alsof er rondom al niet genoeg groen te vinden is.

Die greenplaza’s zijn het centrale thema in het gebouw. Ze omspannen twee verdiepingen, verspringen naar boven toe steeds een hoek en verraden hun aanwezigheid aan de buitenkant door een afwijkende zaagtandgevel. Binnen bieden ze aangename ruimte voor medewerkers van de printerfabrikant om even een telefoongesprek te voeren, een kop koffie te drinken, te overleggen of de dagstart te houden. De binnentuinen zijn bovendien de plek om verder een weg te zoeken door het gebouw. De meeste trappen komen uit bij een greenplaza. En dat zijn uitnodigende trappen, die de medewerkers moeten verleiden om de lift in het atrium links te laten liggen.

BAM levert het pand volgend voorjaar bijna turnkey op en plaatst zelfs de bomen en struiken voor de greenplaza’s.

Printerfabrikant Océ, die vanaf januari verder gaat onder de naam van het Japanse moederbedrijf Canon, beknibbelt voor het nieuwe hoofdkantoor duidelijk niet op ruimte. In het gebouw van 15.000 vierkante meter komen in totaal 550 mensen te werken. Alleen al uit die getalsverhouding blijkt volgens projectleider Wieland de ambities van de opdrachtgever. Want hij heeft eerder wel gebouwen neergezet met evenveel vloeroppervlak waar zomaar 300 man meer kwam te werken. “Dat is het verschil tussen het werken voor een ontwikkelaar, die meer naar bruto-netto-vloerverhoudingen kijkt, en bouwen direct voor de toekomstige gebruiker, die een aantrekkelijke werkomgeving wil voor zijn medewerkers. Océ heeft duidelijk zijn zinnen gezet op een gezond en prettig gebouw. Kwaliteit staat voorop.”

Door de verdiepingen 20 centimeter lager uit te voeren kwam het project binnen budget zonder het concept geweld aan te doen

Na de onderhandse aanbesteding waaraan naast BAM nog twee aannemers meededen, volgde er twee jaar terug niettemin een optimalisatieronde. Dat BAM daarna de opdracht kreeg, komt volgens Wieland omdat de aannemer alles binnen budget wist te krijgen zonder dat de uitgangspunten van het ontwerp van Broekbakema architecten wezenlijk in gevaar kwamen. Er werden overal wat dingen geschrapt, maar het hoofdidee bleef overeind. “De grootste winst boekten we door de verdiepingshoogtes met 20 centimeter te verlagen tot 2,80 meter.” Omdat er via het centrale atrium en de greenplaza’s overal voldoende daglicht en lucht het gebouw instroomt, is die verlaging volgens Wieland nauwelijks van invloed op de sfeer in het gebouw. “Die twintig centimeter minder bij de kantoortuinen, waar iedereen geconcentreerd zit te werken, merk je nauwelijks. Dat wordt royaal gecompenseerd in de rest van het ruim opgezette gebouw, waar in de buurt altijd wel zo’n groene long te vinden is.”

BAM had het werk net binnen, toen er een dispuut ontstond over de fundering. De in de grond gevormde palen dreigden cruciale bodemlagen in het waterwingebied te perforeren. De impasse doorbrak de bouwer – in nauwe samenwerking met de adviseurs van de opdrachtgever – door het complete pand op kortere palen te zetten. Dat vergde wel een compleet nieuw ontwerp van de fundering. De maanden die daarmee waren gemoeid, werden door het bouwteam benut om de voorbereiding te verbeteren en de mate van prefabricage verder op te voeren.

De modulaire distributiebanen die BAM eerder al toepaste bij onder meer het gebouw van de Hoge Raad en he​t WTC in Utrecht werden verder opgetuigd. Het gaat om geprefabriceerde modules waarin de warm- en koudwaterleidingen voor de klimaatplafonds zijn opgenomen, maar ook de hoofdleiding voor de sprinklerinstallatie. Dit keer werden zo veel mogelijk ook de kabelgoten voor de E-installaties meegenomen.

Maar veel meer impact had volgens Wieland de vergaande prefabricage van de verticale installatieschachten. Die kwamen aan in frames van 14 meter hoogte met alle luchtkanalen, mantelbuizen, riolering en leidingen voor warm en koud water al op hun plek. Zelfs de werkbordessen voor het maken van verdiepingsaansluitingen waren aangebracht. Vooral dat laatste verhoogde de veiligheid tijdens de bouw. Wieland: “Want hoe gaat dat meestal tijdens zo’n project: de sparing in de betonvloer wordt tijdelijk dichtgezet met een houten vlonder. Maar bij elke installateur die een leiding plaatst, wordt er een gat in dat vlonder gezaagd, totdat er nog een heel gammel vloertje over is waar het niet verantwoord is om iemand op te laten werken. Bijna ongemerkt verslechtert zo de veiligheidssituatie.

De verticale schacht werd compleet met alle leidingen en werkbordessen ingehesen in Venlo.

Nu was dus in één keer de complete schacht geïnstalleerd compleet met werkbordessen. De engineers van BAM moesten precies uitkienen waar alle aansluitingen zouden komen. Ook het stalen frame zelf moest aan nauwe toleranties voldoen. Tijdens het inhijsen was er uiteindelijk niet meer dan 2 centimeter speling. Dus dat was echt wel spannend. Maar het resultaat was er naar.”

Binnen de ‘veiligheidsraad’ werd met afstand van de dagelijkse hektiek met de benen op tafel gekeken

Voor veiligheid was volgens de projectleider sowieso vanaf het begin veel aandacht. Tijdens de bouw organiseerde BAM regelmatig een ‘veiligheidsraad’. Daarbij zaten ze met alle partijen met de benen op tafel in de keet en probeerden afstand te nemen van de dagelijkse hectiek en de veiligheidssituatie wat fundamenteler te bekijken. Visualisatie bleek daarbij volgens Wieland het toverwoord. “Uiteraard hadden we het hele ontwerp in een 4D-programma uitgewerkt en we hadden ook een planningsprogramma. Maar een zelfgeschreven visualisatieprogramma waarin je de bouw voor je ogen ziet voltrekken, leverde de opzienbarendste inzichten op.”

Streng verboden voor rolsteigers

Schaarliften, verreikers, heftafels; er wordt allerlei materieel ingezet bij de bouw van het Océ-hoofdkantoor, om op hoogte te kunnen werken, behalve rolsteigers. Projectleider Joost Wieland van BAM Bouw en Techniek: “Bij een rolsteiger ben je nou eenmaal altijd afhankelijk van hoe hij is opgebouwd, of de schoren wel goed zijn geplaatst, of hij wel op de rem staat, enzovoorts. Het werken met een hoogwerker is in dat opzicht veel eenduidiger. Het kan eigenlijk niet fout gaan. We hebben alle partners uiteindelijk overtuigd en duidelijke afspraken gemaakt. ”

Bij het filmpje dat hij op zijn laptop afspeelt, zou de gemiddelde gamer zijn neus ophalen, maar volgens Wieland is het voldoende om te zien welke kritieke situaties zich voordoen in verschillende fases van de bouw. “Daardoor realiseerden we ons bijvoorbeeld hoe het voelt om op de vierde verdieping met een hoogwerker een gevelpaneel aan te pakken, zodra de stempels voor de vloeren zijn weggehaald. Dan kijk je als aanpikkelateur ineens in een gat van twintig meter onder je. Dat is vooral onplezierig vanwege het besef dat als zo’n hoogwerker omvalt, hij de verkeerde kant op valt: het gebouw uit. Toen we ons dat realiseerden hebben we besloten die klus met hoogwerkers vanaf de grond te doen. Met veel langere gieken dus en in theorie veel gevaarlijker, maar in de praktijk juist een stuk veiliger. Als de hoogwerker dan omkiepert valt hij niet twintig meter naar beneden, maar komt de giek of het manbakje tot stilstand tegen een vloer van het pand in aanbouw. De gevolgen zijn dan echt stukken kleiner.” Het zijn dat soort, ogenschijnlijk triviale inzichten die de veiligheid van een bouwplaats volgens Wieland enorm verhogen. En die ontstonden dus door met de ‘veiligheidsraad’ dat filmpje te bekijken, hoe schematisch ook van opzet. Het filmpje is ook wekenlang op de bouwplaats vertoond, zodat iedereen een goed beeld had van wat er gaande was.

Elke aanpikkelateur krijgt een fluitje mee

Uit hetzelfde overleg van de Veiligheidsraad kwam het besluit om de twee aanpikkelateurs bij elke kraan uit te rusten met een fluitje. Een effectiever middel om iedereen te waarschuwen als er een hijs plaatsvindt boven een gebied waar mensen werken, is er volgens Wieland niet. “Zeker niet op een bouwplaats waar meerdere talen worden gesproken. Het zijn vaak simpele dingen. En tot nu toe hebben die effect gesorteerd. We hebben twee meldingen gehad van lichte ongevallen. Een melding betrof iemand die zijn hamer uit zijn hand had laten vliegen en daar een blauwe plek op zijn arm aan overhield, de ander was van een medewerker die struikelde en een forse schram opliep aan een been. Ik zal even afkloppen, maar dat was alles tot nu toe.”

 

 

Hoofdkantoor Océ

Oppervlakte: 15.500 m2
Ontwerp: Broekbakema Architecten
Hoofdaannemer: BAM Bouw en Techniek
Directievoering: Brink Management/Advies
Aanneemsom: 33,5 miljoen euro
Gevel: Blitta Gevelsystemen
Staal: Staalbouw Nagelhout Bakhuizen
Breeam-score: very good

 

De 14 meter lange installatieschacht werd over de weg aangevoerd vanuit de fabriek van BAM Modulair in Veenendaal.

 

BRON: COBOUW, Ad Tissink, donderdag 12 december2019, Cobouw 92