Binnen de herontwikkeling van ABN AMRO Foppingadreef staat de verduurzaming van het bestaande gebouw van circa 70.000 m2 bvo centraal. Maar binnen dit omvangrijke project is er nog een gebouw dat aandacht verdient. Aan de rand van het complex staat een losstaand gebouw dat nu nog bekendstaat als gebouwdeel D. Tijdens een rondgang met hoofduitvoerder Patrick Kastelein wordt duidelijk waarom dit gebouw allesbehalve een bijrol speelt.
Het gebouw bevindt zich inmiddels in de afbouwfase. Bij binnenkomst valt direct de vloer op. Deze is gestort en wordt op dit moment gepolijst, waardoor de kiezels zichtbaar blijven en een terrazzoachtige uitstraling ontstaat. Die afwerking komt terug in alle atria van het project, dus ook in het hoofdgebouw.
Hoewel gebouwdeel D soms wordt aangeduid als bijgebouw, doet die term volgens Patrick geen recht aan de schaal en kwaliteit. “Met circa 10.000 m² bvo is dit op zichzelf al een fors gebouw.”
Het gebouw staat bewust los van het hoofdgebouw, heeft een eigen installatietechniek en is uitsluitend via een ondergrondse doorgang in de kelder verbonden met het hoofdgebouw. “Dat is een bewuste keuze,” stelt Patrick. “Die losmaakbaarheid maakt het mogelijk om het gebouw in de toekomst zelfstandig te gebruiken of af te stoten. Het beschikt ook over een eigen keuken- en restaurantgedeelte.”
De duurzame ambities van ABN AMRO Foppingadreef, zoals BREEAM Outstanding en Paris Proof, komen duidelijk tot uiting in het ontwerp en de uitvoering van het project. Er is bewust gekozen voor een houtconstructie in combinatie met een betonnen kern. Dit draagt niet alleen bij aan een lagere CO₂‑uitstoot, maar geeft het gebouw ook een gezondere en warmere uitstraling.
“Dat maakt dit gebouw ook mooi,” aldus Patrick. “Bijzonder zijn de klimaatplafonds, die in de hele herontwikkeling zijn toegepast. Deze zorgen zowel voor verwarming als koeling.” Op de gevel zijn zonnepanelen geplaatst. “Door de vertanding van de gevel lijkt het alsof je aan de ene kant alleen hout ziet en aan de andere kant juist de zonnepanelen. Dat is echt een prachtig ontwerp van de architect.”
Circulariteit wordt verder actief nagestreefd. Via urban mining zijn oude vensterbanken hergebruikt als binnengevelbekleding in het trappenhuis. Daarnaast zijn van oude plafondplaten akoestische vinnen gemaakt. Deze vinnen dragen niet alleen bij aan een prettig akoestisch binnenklimaat, maar vormen ook een zichtbaar en beeldbepalend element in het gebouw.
Gebouwdeel D is een zelfstandig onderdeel met een eigen hoofduitvoerder, maar heeft veel samenhang met de realisatie van de rest van het project. “We werken intensief samen met de teams van de andere bouwdelen. Je leert van elkaar, voorkomt dat je dezelfde fouten maakt en deelt kennis,” zegt Patrick. “Alle partijen communiceren continu met elkaar. Dat is een groot voordeel, ook al zijn er verschillende belangen en deel je dezelfde bouwroute. Dat vergt soms wat afstemming.”
Wat Patrick het meest trots maakt? “De sfeer. De omvang van het project is groot, maar dat heeft geen negatieve invloed op de sfeer of de druk die bij zo’n project komt kijken. Het uitvoeringsteam staat echt voor elkaar klaar. Dat zie je ook bij de onderaannemers. Iedereen wil problemen samen oplossen. Er is ruimte voor een grapje, maar niemand loopt weg voor zijn verantwoordelijkheid.”