Restauratie Wagenmakerij te Blerick

De Centrale Wagenmakerij stamt uit 1890 en heeft een vloeroppervlak van ruim 7.000 m2, gelegen op het rangeerterrein van Venlo. Tot enkele jaren geleden was het gebouw, dat sinds 1969 geen functie meer had, ernstig verwaarloosd. Toen het Spoorwegmuseum zich in 2010 aandiende als nieuwe huurder, kwam de toekomst van dit omvangrijke Rijksmonument er een stuk beter uit te zien. Dankzij de huurinkomsten die hieruit voortvloeiden kon immers het onderhoud en de verzekering van het gebouw op lange termijn worden betaald. BOEi heeft vervolgens het herbestemmingstraject opgestart en samen met onder meer de BankGiro Loterij en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) de middelen bijeengebracht om de restauratie te kunnen realiseren.

De restauratie betreft het herstellen van de dakconstructie met alle dakranden en lichtkappen. Lichtkappen zijn gerestaureerd en opnieuw beglaasd, zinken goten en HWA zijn vervangen, de dakbedekking is voorzien van een nieuwe toplaag en de dakranden zijn hersteld in de oude vorm.

De buitengevels zijn gerestaureerd, alle gietijzeren ramen zijn geschilderd en rondom is nieuwe bestrating aangelegd. Binnen liggen nieuwe vloeren en er zijn installaties ingebouwd die voldoen aan de eisen van deze tijd. Bij de restauratie is er bewust voor gekozen om de sporen van de geschiedenis, zoals het patina van de bakstenen en de schade die in oorlogsjaren is opgelopen, zichtbaar te laten.

Het Spoorwegmuseum uit Utrecht is de eerste huurder van de Wagenmakerij: museumstukken staan hier in het depot opgesteld. De voormalige kantoren van de Wagenmakerij, 100 m2 verdeeld over drie representatieve, authentieke ruimtes en een eigen ingang, zijn te huur. Ook een hoge, loods-achtige ruimte van zo'n 1000 m2 en twee grote entrees (groot genoeg voor vrachtwagens) is beschikbaar.

Kenmerkend voor dit project is de wijze van samenwerking met BOEI. BOEI, de nationale maatschappij tot Behoud, Ontwikkeling en Exploitatie van Industrieel erfgoed is eigenaar van de Wagenmakerij. Voor elk onderdeel van het project is een werkmethode bepaald, die eerst op kleine schaal is uitgeprobeerd, voornamelijk om te zien of het kostentechnisch binnen het budget bleef. Zo’n tachtig procent van het gebouw is verhuurd aan het Spoorwegmuseum in Utrecht. Het museum gebruikt de ruimte als depot en als werkplaats om oude materieelstukken op te knappen. Sinds eind vorig jaar staan er enkele tientallen treinen, wagons, locomotieven
en kleiner materieel opgesteld.

Fotografie: Boei - Jan van Dalen